zondag 20 maart 2011

17 tot 19 februari NULLARBOR

Tegen 11u00 komt Chris aan in Norseman. Hij zat vanmorgen nog in Esperance en was eigenlijk van plan om daar de ganse dag te blijven, maar omdat het niet echt strandweer is - grijs en miezerig met motregen - heeft hij maar even op de staart van zijn auto getrapt en zich naar Norseman gehaast voor wij er vertrokken om toch maar samen te rijden.
Na nog even een paar boodschapjes zoals wc-papier en water voor onderweg ,vullen we de benzinetanks tot het bovenste streepje en zijn dan klaar om aan de Nullarbor te beginnen. Weer diezelfde eindeloze lange weg van 3 weken geleden, maar deze keer met ideaal reisweer. Enfin auto-reisweer althans. ( zie hierboven: frisjes, grijs, miezerig en motregen, maar veel aangenamer dan 47°C onder een verzengende zon).




Omdat we deze keer alle tijd van de wereld hebben en we het een beetje leuk willen houden stoppen we bij elk viewpoint dat aangegeven staat. In Belladonia gaan we naar het Heritage Museum en 180 km verder parkeren we naast een uniek blowhole. Maar zoals we al verschillende keren eerder hebben ondervonden kunnen die Ozzi’s soms sterk overdrijven met hun natuur en cultureel erfgoed. Ze laten je vantijd honderden kilometers rijden voor één(!!) boom die dan wel heel speciaal is en de moeite...maar kweenie...toch ver uit de buurt ligt. En de landelijke museums...ja, die zien eruit als elke zolder bij ons. Maar enfin, het breekt de dag en de eerste (halve) dag leggen we al 1/3 van de Nullarbor af.

De volgende dag zet Chris - of beter gezegd zijn drie madammen die met hem meeliften - ons al vroeg uit bed en vervolgen we onze weg. Maar net als gisteren stoppen we weer bij elk ‘point of interest’ en tweemaal om te tanken. Ja die benzine vliegt er nogal door en hier in de midlle of nowhere kennen ze hun prijzen. Tot 0,50 dollarcent meer durven ze soms vragen per liter maar wat kan je doen...de volgende pomp is 200 km verder.

Dag drie gaan we eerst douchen in een roadhouse want daar zijn we toch stilaan aan toe. Om de andere dag douchen vinden we zeker geen overbodige luxe. Tot hiertoe is dat ook al goed gelukt. In WA vindt je aan elk strandje een douche - met koudwater weliswaar maar het is zomer dus dat kan geen kwaad - en onderweg heeft elk tankstation de nodige sanitaire voorzieningen.
De rest van de dag zetten we er nogal wat vaart achter. Chris zijn vrouwen zijn het rijden beu en willen morgen in Adelaide aankomen. Nu valt er ook niet veel meer te zien op dit laatste stukje van de Nullarbor en wij vinden het ook wel fijn om vanavond terug in de bewoonde wereld aan te komen.
In de namiddag arriveren we dan ook al in Port Augusta, waar we afscheid nemen van Chris en Co. Het was leuk om samen te rijden en te weten dat we een backup hadden in geval van panne, maar gelukkig zijn zowel Chris als wij zonder brokken over de Nullarbor geraakt. Alhoewel...Chris’ stuurbekrachtiging is een paar kilometer geleden beginnen lekken....

zaterdag 19 maart 2011

15 en 16 FEBRUARI HYDEN-NORSEMAN


Hyden is zo’n echt typisch, ingedommeld dorpke in de outback. Het is drie straten, een supermarkt en een bakker groot en als je niet oppast ben je er door voor je er erg in hebt. Maar hoewel klein, is het toch erg bekend om zijn ‘wave rock’. Een granieten rotsblok, 15 m hoog en 110 m lang, in de vorm van een enorme golf. Ferm...maar eigenlijk toch niet echt het ommetje van 250 km waard, maar daarvoor zijn we ook niet naar Hyden gereden.

Vlak achter Wave Rock begint ‘The Granite and Woodlands Discovery Trail’, een 300 km lange gravel weg die door één van ‘s werelds grootste ongerepte woodlands gaat. Een weg dwars door de uitgestrekte wildernis, dwars door de verlaten outback van Australië en het prachtige mozaiek van verschillende vegetaties.
Enfin, zo heel verlaten is de weg nu ook weer niet want af en toe passeert er toch een roadtrain (of 4WD) naar/van een van de nikkel of goudmijnen hier in de streek.

Maar omdat het weer zo’n snikhete dag is blijven we tot in de late namiddag in Hyden rondhangen en rijden pas tegen de avond de trail op, op zoek naar een mooi plekje om te kamperen. En daarvoor moeten we niet al te lang zoeken. De trail is onderverdeeld in 16 secties, allemaal uitgerust met informatieborden over de natuur of culturele historie van het gebied en met picknick- of kampeerplaatsen.
De volgende morgen, na een ontzettend rustige nacht (het was er uitgezonderd een paar kraaien s morgens, zo stilletjes) vertrekken we vroeg op weg en rijden heel op het gemakje de trail af met een stop aan elk informatiebord. Lunchen doen we aan de ‘Breakaways’ een magisch plekje tussen fantastisch mooi gekleurde rotsen en bij nader inzien hebben we spijt dat we gisteren niet eerder vertrokken zijn, zodat we de nacht hier hadden kunnen doorbrengen.

Een beetje verder komen we een Duitse (naar eigen zeggen) globetrotter tegen die in panne staat met zijn auto. De slimmerik heeft zijn automatische boite in achteruit gezet terwijl hij nog vooruit  reed met 30 km/uur en  zo zijn boite helemaal in de soep gedraaid.
Omdat hij er zo verloren bij staat langs de weg, slepen we hem mee tot de volgende picknickplaats waar hij veilig kan wachten op de sleepwagen die een paar mijnwerkers hem zouden opsturen. Hem nog 104 km over de gravel weg meesleuren tot Norseman zien we niet zo goed zitten met onze oude Holden Maar we hebben hem nog maar 2 km achter ons of Dirk keert de auto. Dirk krijgt het niet over zijn hart om hem daar zo moederziel alleen achter te laten en haakt zijn auto aan de onze vast.
Niet veel later krijgen we hevige regen op ons dak en de gravel weg veranderd algauw in een vettige glijbaan en met een auto op sleeptouw is dat niet echt een pretje...maar gelukkig komen we na 40 km de sleepwagen tegen die het vrachtje van ons overneemt. Wij opgelucht dat er toch een sleepwagen was opgestuurd en van onze last verlost zijn, Goerges teleurgesteld dat hij Norseman niet gehaald heeft en 260$ moet betalen voor de resterende 60 km.
Enfin, omdat het blijft regenen rijden we zonder verdere stops tot Norseman en arriveren in weer zo’n typisch outback stadje. Daar aangekomen krijgen we een sms van Chris binnen die schrijft dat hij pas vrijdag in Norseman zal zijn.
Shit... wat nu...want anderhalve dag met dit rotweer in dit boerengat wachten...dat zien we niet zitten.



 
 

vrijdag 25 februari 2011

12 tot 14 FEBRUARI WEST AUSTRALIE

In Denmark maken we prachtige strandwandelingen (we lopen bijna weer normaal) op het Mandalay strand en in het William bay National Park langs Elephant Rock.


 Vlak voor Albany komen we op de Cosy Corner Camping Stefaan en Kaat tegen. Twee Belgische backpackers en wat is de wereld toch soms klein. Kaat woont achter de hoek van mijn ouders en komt geregeld over de vloer bij hun buren! Echt leuk om hen zo ver van huis te leren kennen en als we niet op tijd in Norseman moesten zijn - daar hebben we binnen twee dagen met Chris afgesproken - dan hadden we graag nog wat langer op de Cosy Corner gebleven. Maar gezien de leeftijd van onze auto, leek het ons niet onverstandig om deze keer de Nullarbor niet alleen over te steken. En Chris vond dat om dezelfde reden geen slecht idee om samen te rijden.



Maar eerst willen we de outback in en via een trail - verharde zandweg - van Hyden naar Norseman rijden. Gevolg is dat we dan bijna geen tijd om hebben om Albany te bezoeken en we rap rap en snel snel even het Nationaal Park binnenwandelen voor ‘the Gap’ en ‘Bridge’.

8 tot 11 FEBRUARI WEST AUSTRALIË

We dachten in de voormiddag te beginnen aan de terugreis naar Sydney, maar we geraken niet gemakkelijk weg bij Stijn. ‘ s Morgens maakt hij ons nog een uitgebreid Australisch ontbijt en ’s middags legt hij me daar eventjes een paar heerlijke T-bones op de bbq waar we werk aan hebbenMaar laat in de middag nemen we dan toch afscheid en vervolgen onze landtrip. 

De eerste stop is Busselton. Een typisch West Australisch kuststadje met de langste ‘timberwood’ jetty van de wereld. Hij is 2 km lang en natuurlijk lopen we die helemaal op en af.

De volgende dagen blijven we de kust van West Australië volgen tot helemaal in het zuiden. We doen Yalingup aan, de wijnstreek van Margaret River en rijden via de Boradup Drive, een zandweg dwars door een ecalyptuswoud verder zuidwaards. We maken wandelingen in het bos, proeven wijn in de vineyards, kamperen in de bush, grillen ons avondeten op onze kleine bbq en zakken verder af tot we in Augusta en Cape Leeuwin arriveren en in het meest zuid-westelijke puntje van Australie uitkomen. De plaats waar de Zuidelijke Oceaan en de Indische Oceaan elkaar ontmoeten.



Vanaf hier gaan we richting oost en dat doet heel raar...normaal gaan we altijd west!!!
Enfin, we klauteren de Gloucester Tree in Pemberton helemaal naar boven en lopen drie dagen later nog altijd stijf en met pijnlijk benen rond. Of t is te zeggen, we lopen drie dagen lang  zo weinig mogelijk rond!



zondag 20 februari 2011

3 tot 7 FEBRUARI 2011 ROTTNEST ISLAND


Rottnest Island is 3½ dag echt vakantie voor ons. Stijn en Ruth huren er elk jaar een huisje en nodigen dan een hele hoop vrienden uit. We gaan mee duiken, gaan wandelen en zemmen. Lummelen wat rond, rusten uit en lezen wat. Hebben supergezellige avonden, gaan naar een optreden en spelen met z’n twaalven !!! bierpong. Zoiets als pingpong maar dan een beetje anders....


Vervolgens verblijven we nog 2 nachten bij Stijn thuis en gaan in Perth op zoek naar een 2de hands ronde band en iemand die onze airco kan maken. Maar een juiste maat band is nergens te vinden en de airco...ja watte zeg. Het kost 160$ enkel en alleen om er gas op te zetten en dan uit te vinden of hij nog wel werkt. Is hij stuk, ja dan heb je pech en zomaar eventjes 160$ weggegooid. Dan maar geen airco besluiten we wijselijk, want sebiet geven we meer uit aan de airco dan aan de ganse auto.

zaterdag 19 februari 2011

28 JANUARI NAAR PERTH

In Perth woont een kameraad van Dirk die we willen gaan bezoeken en het is de bedoeling om op het gemakje af te zakken tot Perth. Maar een belleke naar Stijn met de vraag hoe zijn agenda eruit ziet gooit onze hele planning ondersteboven. Stijn is namelijk telkens een week van huis om te gaan werken en is dan een hele week thuis, of gaat een week werken en is dan een week op vakantie. Het beste is, zegt hij, om tegen dinsdagavond wanneer ik van mijn post kom, in Perth te zijn. Dan kan je mee op vakantie naar Rottnest Island, 20 km voor de kust van Perth, waar ik een huisje gehuurd heb voor een paar dagen. Oei...dat wil zeggen dat we op 5 dagen 3350 km moeten afleggen... Dat is véél...maar we gaan dat toch proberen.


We rijden van Melbourne naar Geelong en rijden daar de Great Ocean Road op. Dat is ietsjes omweg maar de weg is inderdaad ‘Great’ en slingert helemaal langs de grillige zuidkust en beroemde stranden vanTorqua, Anglesea en Apollo Bay naar het westen. Hoewel we eigenlijk niet veel tijd hebben om aan sightseeing te doen stoppen we toch af en toe voor een foto en maken een’ tree top’ wandeling in Otways. In het regenwoud van Otways kan je 25 m boven de grond een wandelingetje maken langs de toppen van de bomen en zelf tot 47 m hoog klimmen in de lookout toren om het woud te overzien.


Tegen de avond zoeken we in onze free camping guide een plaatsje op om te overnachten en komen op een echte bushcamping uit.Op de kaart leek het niet zo ver van de weg te zijn, maar de geasfalteerde straat wordt algauw een gravelweggetje dat steil naar beneden gaat een dal in, diep in het regenwoud. Het is er prachtig maar ziet er erg verlaten uit en...we hopen dat we hier morgen terug naar boven geraken met onze oude Holden, want veel hulp hoeven we hier precies niet te verwachten. Het is zelfs zo ver van de bewoonde wereld dat we geen ontvangst meer hebben op onze gsm. Maar dat geraken we stilaan gewend hier in
 
 Oz, want in de Blue Mountains en Kangaroo Valley had je ook niets aan een mobiele telefoon. Enfin, tot onze verassing - en opluchting- zijn we toch niet alleen op de camping.
De volgende morgen, na een steenkoude nacht, vertrekken we alweer vroeg op pad met als eerste stop de 12 apostels. Twaalf stukken limestone, afgescheiden van de poreuze kliffen en het meest gefotografeerde stuk kust van Victoria (Australië). Alleen... we zijn er al voorbij voor we er erg in hebben. Maar wat wil je, van de 12 apostels schieten er nog maar 6 over! Enfin, een beetje verder ligt Peterborough met gelijkaardige kliffen en die missen we gelukkig net op tijd niet.
 
De rest van de dag proberen we zoveel mogelijk kilometers te maken en dat lukt aardig, alleen wordt het met het uur warmer. Tot 43°C zien we een thermometer langs de weg aangeven en geloof me, in een auto zonder airco is dat wreed warm.
Een 60 kilometer achter Adelaide stoppen we dan eindelijk voor de nacht en parkeren ergens op het strand en hoewel er een lichte bries staat is die als behalve verfrissend.

Dag drie beginnen we er vroeg aan, maar het is zo verschrikkelijk warm - 47°C !!! - dat we ‘s middags in Port Augusta een hotelletje opzoeken en de rest van de dag boven op de airco gezeten in onze kamer doorbrengen.

De dag erop is het nog steeds snikheet maar als we op tijd in Perth willen zijn moeten we door. Dus we gaan door. We rijden de Eyre Highway, beter bekend als de Nullarbor op en beginnen aan de 1660 km saaie weg. Soms zit er een flauwe bocht tussen, maar hier heb je ‘one of the world’s longest strerches of straight road’ nml 145 km gewoon ‘rechtdoor’. En veel valt er niet te zien.
De meeste Ozzies verklaarden ons voor gek als we zeiden dat we van Melbourne helemaal tot Perth wilden rijden. ‘That’s a long long way’ zeiden ze dan ‘and very boring’. Wel antwoordden we dan, als we zeilen zijn we ook altijd lang onderweg en er valt buiten de zee ook niet veel te zien. Maar...we moeten die Australiërs nu toch gelijk geven. He ís lang, er komt maar geen einde aan die Nullarbor en het ís verschrikkelijk saai. Het is ook nog altijd verschrikkelijk warm en zonder het te merken verbrand ik mijn hals eerste graads door de warme lucht die door de auto waait. Echt waar, mijn huid is bijna zo krokant als het vel van een gebraden kip. Als dat maar weer goed komt, maak ik me zorgen.
Ook de auto heeft last van de warmte, enfin één band althans, want die ontploft. Gelukkig zijn we nog maar juist 3 km geleden een kleine garage gepasseerd (de volgende ligt 600 km verder!) want de reserve band staat plat. Terwijl Dirk bij de auto blijft lift ik naar de garage en kom terug met de garagist en lucht voor in deband. Vervolgens rijden we de 3 km terug en kopen twee 2de hands banden van de garagist aan 60$ het stuk en zijn nog eens 20$ extra kwijt voor de lucht! Duur grapje vinden we, zeker als we merken dat één van de banden niet rond is maar ei-vormig.
Maar goed, we schieten goed op en houden het laat in de namiddag voor bekeken op een mooie parking-rest area vlak langs de dramatische Bunda Ciffs..

Dag 5 is qua temperatuur veel aangenamer. Het is bewolkt en we krijgen af en toe een spatje regen, maar het is ideaal weer om te rijden. We maken ook serieus wat kilometers, maar geraken vandaag toch niet meer in Perth. We moeten nog 200 km, maar die zijn voor morgen.Woensdagvoormiddag 2 februari komen we aan bij Stijn, maar die is al vertrokken
naar Rottnest. ‘Maar, zegt die via de foon, de ferry is maar 10 min rijden van waar je bent en  een uurtje later sta je in Rottnest.
Oké goed, maar dan komen we een dagje later, zeggen we.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

vrijdag 18 februari 2011

23 JANUARI

Kangaroo Valley is mooi en we zouden hier nog wel een tijdje kunnen blijven, maar we zijn nog geen 200 km ver van Sydney geraakt en als we aan dit tempo blijven reizen, ja...dan gaan we niet veel van Australië gezien hebben hé. Dus besluiten we om een streepje gas bij te geven en in één trek door te rijden naar Melbourne, op bezoek bij Peter en Nani.
We beginnen er ‘ s morgens vroeg aan en rijden bijna non-stop door met alleen af een toe en plaspauze en lunch- en dinnerbreak. Pas als het donker is stoppen we ergens op een parking en slapen in de auto.De volgende morgen na een verfrissende douche en klein ontbijt rijden we voort en rond de middag komen aan in Mornington-Melbourne.
 
Het weerzien met Peter en Nani is fantastisch. Van Venezuela tot Vanuatu hebben we vele passages samen gezeild en als je meer dan een jaar samen bent opgetrokken dan heb je na twee maanden elkaar niet gezien te hebben véél bij te praten.
We krijgen bij Peter en Naai de hele bovenverdieping van hun huis ter beschikking. Slaapkamer met eigen badkamer en tv-kamer en mogen blijven zolang we willen. Maar we worden zo in de watten gelegd bij hen dat we niet te lang durven blijven,’ t is dat als we dat te goed gewoon worden we misschien helemaal niet meer weg geraken hé.
Enfin, Peter laat ons de hele Peninsula van Mornington zien, neemt ons mee de berg op naar het Dandenong Ranges National park en gidst ons het hele gebied onder Melbourne rond. We vieren samen met hen Australian Day op 26 januari en gaan kijken naar de stoet die ter gelegenheid van deze feestdag door Mornington trekt. Zo’n echte ouderwetse stoet zoal wij die vroeger ook kende, waar het ganse dorp in meeloopt alleen...geen majorette! Maar bestaan die nog wel?

Na drie erg leuke dagen vinden we het tijd om verder te trekken maar voor we verder rijden gaan we eerst lang Bunnings (de Australische versie van de Gamma) en bouwen een keuken in onze auto en verbouwen we hem zo dat we een vast bed hebben en plaats om al onze spullen weg te bergen.

Oke, klaar om naar Perth te rijden.

vrijdag 21 januari 2011

THREE SISTERS - BLUE MOUNTAINS 21-01-11

Volgens de legende was er ooit een tovenaar die drie zusjes  elk in een steen omtoverde om hen zo van de ongewenste avances van drie jongemannen te beschermen. Maar voor de tovenaar de spreuk weer kon terugdraaien, stierf hij en de zusjes...die vormen vandaag de dag een imposante rotsformatie midden in de Blue Mountains.

De Jamison Valley, aan de voeten van de Three Sisters kan je ontdekken of door de kabellift  met glazen vloer naar beneden te nemen, of via de oude spoorlijn (vroeger werd er steenkool gewonnen in de vallei) of gewoon door te voet de berg van 52° af te dalen. Wij kiezen voor het laatste want de vorige opties vinden we nogal prijzig en gewoon naar beneden wandelen, daar is niets moeilijk aan en vermoeiend is dat nu ook weer niet hé.
Eens beneden vinden we een 'boardwalk' die tussen het oude mijnwerkersdorp en het regenwoud kronkelt. Als we er na een uurtje uitgewandeld zijn willen we het treintje terug naar boven nemen, maar bij nader inzicht...waarom wadelen we gewoon niet terug. Dan hebben we onze workout voor vandaag gehad en $22.00 uitgespaard.
Zo gezegd zo gedaan en na 30 minuten (ipv 50 zoals staat aangegeven) staan we al terug boven, maar amaai zeg, al die trappen kruipen nogal  eens in mijn benen! Als dat morgen maar goed komt met die kuiten.



















In de namiddag rijden we zo'n 200 km naar het zuiden naar Kangaroo Valley. Een prachitge vallei in het nog steeds heel groene Australië. Ja dat moet ik toch eens zeggen. Australië ziet er heel anders uit dan ik verwacht had, maar versta me niet verkeerd, ik ben aangenaam verast. Ik had een dor en plat woestijnlandschap verwacht, maar we zitten midden tussen de groene heuvels.

De Bendelee camping, ook weer gratis, ziet er ook niet slecht uit. Eigenlijk ziet ze er zo goed uit dat we meteen besluiten om ons tentje weer op te zetten en hier een dag langer te blijven ipv in de auto te slapen en morgen weer door te gaan.

donderdag 20 januari 2011

MEGALONG VALLEY - BLUE MOUNTAINS 20-01-11

Gisteren toen we vertrokken was het aan het regenen en volgens de weervoorspellingen zou het dat de rest van de week blijven doen. Echt een mooi vooruitzicht om te gaan camperen...!
Maar het valt  reuze mee. Net  toen we de Megalong Valley inreden kwam de zon erdoor en het uitzicht was er gewoon spectaculair. Een bergketen bedolven onder een ruwe wildernis met adembenemende uitzichten.
De gratis camping waar we staan is ook niet niks. Een echte 'bushcamping'  aan een riviertje met als enige luxe een dropoff wc - diepe put waarop een deksel is gemetseld  voorzien van wc papier maar geen wc verfrisser! Voor de rest is er niks, ook geen volk... het is hier echt erg vredig en mooi en rustig maar morgen willen we toch al verder, want straks vereenzamen we nog! (Neeje, eigenlijk durven we er niet  op uit trekken en onze tent helemaal alleen achter laten. En hier zo maar zitten zitten , dat is het nu ook  weer niet hé) 
Maar wat het weer betreft; onze tent doorstaat 's nachts met glans de 'waterproof test'. 



dinsdag 18 januari 2011

GOSFORD 19-01-11

We zijn klaar voor onze landtrip door Australiê. Enfin klaar...de Narid hangt aan de mooring in Gosford. Onze auto staat er ook - die hadden we al eerder naar Gosford gereden- en die is helemaal gepakt en gezakt. Alleen wij  zijn er niet klaar voor. Het  voelt raar om onze boot voor 2 tot 3 maanden achter te laten en de luxe aan boord - douche, wc, elektriciteit...-te ruilen voor een tent op een campingske.
Maar sebiet beginnen we er toch aan. We starten met een try out in de Blue Mountains en zakken van daaruit naar Melbourne, Adelaide en dan waarschijnlijk helemaal naar het westen van Australië naar Perth. We gaan dus niet in de richting van de overstromingen, want we hebben al water genoeg gezien de laatste 2.5 jaar.
We nemen ook onze laptop mee en zullen proberen om het dagboek een beetje bij te houden, maar of dat gaat lukken...dat kunnen we niet beloven.
Soit...we zijn ermee weg.

vrijdag 14 januari 2011

SYDNEY 11-01-11

Afgelopen zondag zijn we onze auto gaan ophalen in Gosford. De stokoude Holden Commodore 3.8L /V6. Hoewel niet onze eerste keus kan Dirk de krachtige V6 wel appreciëren en hoewel oud rijdt hij heel soepel en goed.
Maar ’s maandags zijn we al helemaal niet meer zo gelukkig met onze nieuwe aankoop. Midden in het drukke stadsverkeer houden de remmen er ineens mee op. Shit….en we hebben nog geen verzekering voor schade aan derden (wel personen, dat is verplicht en zit in de rego).
Heel voorzichtig rijden we naar de dichtstbijzijnde Holden garage om ze te laten nakijken, maar die hebben vandaag geen tijd voor ons. Maar omdat de remmen af en toe uitvallen en niet constant weg zijn, denkt Dirk dat er ergens een luchtbel in de leiding zit en besluit om ze zelf te  ontluchten. De thermostaat is trouwens ook kapot, maar die hebben we al nieuw gekocht en ging Dirk sowieso al zelf vervangen.
Woensdag, nadat de remmen en de thermostaat in orde zijn, verliezen we de koelvloeistof. Radiator stuk? Nee want we vinden geen lek. Join de culas naar de kloten? Zou kunnen maar we gokken op een luchtbel in het koelingsysteem en blijven positief denken.
Ondertussen hebben we al een tent, stoelen en allerlei campinggerij gekocht en zijn bijna klaar om aan onze landtocht te beginnen, maar zijn al het vertrouwen in onze auto kwijt.

wordt vervolgd..........

SYDNEY 06-01-11

We moeten eerst komen kijken naar de Holden Commodore, zegt Kate, want als we hem zien willen we hem misschien niet meer. Het is ene grote roestbak, maar met een motor in prima staat en hoewel al 20 jaar oud, staan er nog maar 260.000 km op de teller. De auto is van Kate’s moeder geweest en daarna van haar tante. Dus van twee oude vrouwtjes die er altijd heel voorzichtig mee hebben gereden. Hij is zo geroest omdat hij altijd geparkeerd heeft gestaan aan het strand en is dus eigenlijk 20 jaar lang lichtjes gezandstraald geweest. Het is dan ook maar heel oppervlakkige roest, maar het is inderdaad geen gezicht.
Maar ach wat, voor 500 AUD zijn we nu ook weer niet zo kieskeurig hé.
Oké zegt John, dan zal ik de papieren nog in orde maken, want de rego is vervallen.
In Australië is de rego zoiets als bij ons de wegentaks, de technische control én een verplichte verzekering aan derden in één. Je kan dat per 3 maanden verlengen, maar in dit geval is de rego vervallen en moet de auto eerst een nieuwe blue slip en pink slip hebben.
Geen probleem volgens John en hij belooft ervoor te zorgen.
Twee dagen later is hij ermee klaar en mogen we onze auto komen ophalen, maar moeten nog wel 1300 AUD extra betalen voor de hele paperassenwinkel.
Watblieft…! Zoveel geld voor een auto van maar 500$!!!
Maar ja, we zijn voor een heel jaar verzekerd en als we de auto ondertussen verkopen is het de gewoonte om de rego mee te verkopen. Of als we de auto naar een sloper brengen, krijgen we 500 $ aan wrakwaarde en kunnen de overschot van de rego terug recuperen.
Dus als we er nu een maand of twee mee kunnen rondrijden krijgen we een hoop geld terug en zijn we er goedkoop vanaf.

SYDNEY 05-01-11

We gaan nog één keer naar een auto kijken.
In Merrylands, 30 minuten rijden vanuit Sydney met de trein, staat een 4x4 Mitsibushi Pajero van ’97 voor 5500 AUD.
Als dit niks wordt, hebben we besloten, dan gaan we in op het aanbod van vrienden van vrienden en nemen hun oude Holden stationwagen over voor 500 AUD.
Nu de Pajero. Op het eerste zicht ziet hij er niet slecht uit, maar op het tweede zicht…hmm…nee toch maar niet. De motor draait niet mooi en één van de voorwielen is helemaal scheef uitgelopen. Dat komt niet goed, zegt Dirk, daar kunnen we nog veel problemen mee krijgen. Bovendien staan er al 450.000 km op de kilometriek en als wij er nog eens 20.000 extra bij zetten, krijgen we de auto naderhand aan de straatstenen niet meer kwijt.
Oké, dat was het dan. Het wordt dus geen 4WD om mee door Australië te rijden en in het zand te ravotten, maar een gewone ordinaire stationwagen met tentje. We hebben er wel een beetje spijt van maar we kunnen niet blijven zoeken hé. Trouwens, die Holden is waarschijnlijk een veel verstandiger keuze. We kunnen er nooit niet veel geld mee verliezen en houden nu zelfs nog wat geld over om af en toe in een motelleke eens lekker te slapen en te douchen.

BEGIN VAN HET NIEUWE JAAR 2-1-11

We ontdekken Chinatown en de Paddington Market. Terwijl heel Sydney nog aan het bekomen is van de feesten bruist dit deeltje van de stad van het leven.
In Paddy’s Market vindt je zowat alles. Van souvenirs, pruiken, speelgoed en goedkope kleding tot fashion items, toko’s en slagers. Maar onder in het gebouw is een verse fruit- en groentemark en die is vooral interessant. Hier vindt je groenten aan zo maar eventjes 1/3 van de winkelprijs!
We gaan ook als echte toeristen eens eten op de vismarkt, maar dat valt een beetje tegen. Na al die zelfgevangen vis stellen de fish and chips hier niet veel voor.
Voor de rest hangen we een beetje rond in Glebe en kunnen het appreciëren dat, ondanks dat zondag en maandag officiële feestdagen zijn in Australië, het leven hier gewoon doorgaat.

OUD EN NIEUW 31-12-10

Oud en Nieuw in Sydney. Ik heb er nog altijd geen woorden voor gevonden om het te beschrijven. Spectaculair , fantastisch, onvergetelijk, prachtig…allemaal waar en nog veel meer ook, maar een beetje afgezaagd hé. Laat ik eens anders proberen:
Vanaf ’s middags zakken er 1, 5 miljoen mensen af naar de Harbour Bridge – wij zijn er al van gisteren, kwestie van zeker op de eerste rij te zitten - om het grootse vuurwerk ter wereld te zien. Overal feestjes, in de parken en op de boten in de haven. Nog nooit heb ik zoveel boten tegelijk op het water gezien en uitgezonderd een paar kleine akkefietjes gebeuren er geen ongelukken! Maar de sfeer hangt er al goed in
Om 9 pm het eerste vuurwerk. Wauw! Maar dat was maar voor de kinderen en om even te oefenen.
Maar dan bij de jaarwisseling: 25.000 vuurpijlen worden er na middernacht afgeschoten, 11.000 vuurwerkbommen gebruikt en 100.000 speciale vuurwerk effecten worden ingezet. De explosieven worden op 130 verschillende plekken tot ontsteking gebracht.
Omdat het niet mogelijk is om dat allemaal met de hand te doen zorgen twaalf computers er voor dat het vuurwerk precies op tijd wordt ontstoken en er is 60 kilometer kabel aangelegd om er voor te zorgen dat ze hun 10.000 cues kunnen afgeven.
Gewoonweg spectaculair en ….
Wij zaten dan ook nog eens met 20 man op de Innforapenny die speciaal voor het vuurwerk naar Sydney was gezeild. Peter en Penny hadden een paar vrienden meegenomen en hun dochter met haar verloofde Jack. Én de ganse band waar Jack in speelt én de vriendinnetjes van die gasten. Enfin, ambiance te over dus en een nieuwjaar om nooit meer te vergeten.
 

maandag 3 januari 2011

TUSSEN KERST EN NIEUW 27 tot 30-12-10



Tussen kerst en nieuwjaar zoeken we nog wat verder naar een auto. Maar hoe langer we zoeken hoe meer we ervan overtuigd geraken dat het bijna onmogelijk is om een goede auto aan een aanvaardbare prijs te vinden.
Maar we geven niet op. We blijven op internet rondsnuffelen en struinen de Kings Cross carmarket af, tot we ons goesting (en die van onze portemonnee) gevonden hebben.

BOXING DAY 26-12-10

Boxing Day, of tweede kerstdag, betekend in Sydney naar de start van de prestigieuze ‘Rolex Sydney Hobart Yacht Race’ gaan kijken.
Duizenden mensen komen ervoor naar de haven en iedereen die iets bezit dat drijft gaat het water op. Ook wij gaan kijken en nogal vroeg op de dag ankeren we in Obelisk Bay, vlak aan de Heads – de uitgang van Sydney Harbour. Als we ons anker droppen ligt er nog maar één boot, maar dat duurt niet lang. Twee uur later zijn we omsingeld met op zijn minst 50 boten en is het er een drukte van jewelste.
Als het startschot van de race weerklinkt wordt het nog gekker. Eerst passeren de deelnemers en dan volgen er wel honderden boten,achter de racers mee de haven uit. Alles ondereen en tussendoor. Gewoonweg magnifiek!


KERSTDAG 25-12-10

Met de helft van de gasten van gisteren vieren we Kerstdag in het park.
Van onze gastvrouw hebben we gisteren nog de overschot van de vis en worstjes meegekregen, maken elk zelf nog gauw een salade of ander bijgerecht en houden een grote picknic- bbq in het park op het einde van de baai.
Kerstmis vieren bij 30° onder een stralende zon in de open lucht voelt niet echt aan als kerstmis, maar niettemin is het één groot feest.

KERSTAVOND 24-12-10



Kerstavond in Sydney is een unieke belevenis.
De familie Rabbitts van de Cammeray Marina geeft een kerstfeestje voor de wereldzeilers.
Onze gastheer en vrouw wonen boven het kantoor van de marina en we worden gewoon met zijn allen uitgenodigd bij hen thuis. Bovendien zorgen zij nog eens voor al het drinken en een vis-bbq. Op hun terras hebben ze een klein zeilbootje staan, gevuld met blikjes bier en flessen champagne die tussen het ijs drijven en iedereen mag nemen wat hij wil. Schol!
Het enige wat ze vroegen is dat iedereen die komt een nationaal gerecht meebrengt (wij hebben gehaktballetjes met krieken gemaakt .
Wanneer iedereen er zowat is en het huis afgeladen vol zit met +/- 50 man en de eettafel vol met de heerlijkste gerechten, vliegen we er in. En dat het een ongelooflijke, onvergetelijke en gezellig kerstavond is…dat moet ik waarschijnlijk niet meer vertellen hé.